Onderwijsstudies

Specialisatie van: Education and Child Studies
Graad: Master of Science in Education and Child Studies
Onderwijsvorm: Voltijd, deeltijd
Duur: 1 jaar (voltijd), 2 jaar (deeltijd)
Start: September, februari
Taal: Nederlands; Engels als er buitenlandse studenten zijn
Vestigingsplaats: Leiden
Croho/isatcode: 60396
Share |

In de masterspecialisatie Onderwijsstudies staat de ontwikkeling van kinderen en adolescenten in de school context centraal. Het doel van het onderzoek en onderwijs binnen deze specialisatie is te begrijpen hoe mensen zich ontwikkelen en leren en daarmee onderwijs te optimaliseren.

De masterspecialisatie Onderwijsstudies richt zich op het leerproces en ontwikkeling van kinderen en adolescenten in het reguliere onderwijs, waarbij zowel probleemloze ontwikkeling als moeilijkheden aan bod komen. Bovendien wordt aandacht besteed aan individuele verschillen binnen deze groep.

Onderwijsstudies houdt zich bezig met vragen zoals:

  • Hoe leren kinderen (begrijpend) lezen en rekenen?
  • Wat is de relatie tussen de cognitieve ontwikkeling, de ontwikkeling van de hersenen en leren?
  • Hoe leren leerlingen in de klas en welke moeilijkheden kunnen optreden?
  • Welke kennis is nodig om leraren hun leerlingen optimaal te helpen ontwikkelen?
  • Hoe kunnen leraren gesteund en gestimuleerd worden om het leren door hun leerlingen te bevorderen?
    We letten bij deze vragen ook op:
  • Hoe ga je om met hoogbegaafdheid?
  • Hoe kun je computers/internet optimaal inzetten in het onderwijs?
  • Wanneer zijn kinderen toe aan zelfstandig leren?

Voor wie is deze specialisatie bedoeld?

Deze masterspecialisatie is bedoeld voor studenten die expert willen worden op het gebied van de ontwikkeling van leerlingen. Je leert kritisch na te denken op basis van theoretische kennis en empirisch onderzoek over de ontwikkeling van kinderen en adolescenten. Je kunt uiteindelijk met wetenschappelijk onderbouwde argumenten bijdragen aan het vormgeven van onderwijs op allerlei niveaus.

Prof. Paul van den Broek

“Om goed te kunnen functioneren in een kennis-maatschappij, is het van belang dat iedereen goed kan leren lezen.”

“De vaardigheid om een tekst te kunnen lezen en begrijpen is essentieel om goed te kunnen functioneren in de samenleving. Dat is duidelijk in het onderwijs, maar ook in andere aspecten van ons dagelijks leven heeft het kunnen lezen een belangrijke functie. Om deelname aan het onderwijs ook mogelijk te maken voor hen die moeizaam leren lezen en rekenen, is het belangrijk om te achterhalen hoe leerlingen en volwassenen leren. Wat gebeurt er in het brein wanneer we lezen of rekenen? Wat kan er daarbij mis gaan en hoe kun je de kans daarop verkleinen? In mijn wetenschappelijk onderzoek probeer ik een antwoord te vinden op bovenstaande vragen. Zo toont mijn onderzoek naar het leren lezen aan, dat leesvaardigheid uit twee ‘sub’ vaardigheden bestaat: (1) basale taalvaardigheden zoals het omzetten van letters en woorden in betekenis en (2) begripsvaardigheden zoals het begrijpen van de tekst als geheel. Anders dan vroeger werd gedacht, begint de ontwikkeling van beide al heel vroeg, vóór het vierde jaar. En beide voorspellen onafhankelijk van elkaar, het leessucces 5-6 jaar later op de basisschool. Dit is een belangrijk gegeven waarmee bijvoorbeeld in de voor-en vroegschoolse educatie rekening kan worden gehouden in het programma-aanbod.

Door gebruik te maken van gedragstesten en hi-techapparaten, zoals eyetrackers en neuro-imaging apparaten, bestuderen we hoe leerlingen en volwassenen lezen en waar dat kan misgaan. Gewapend met die kennis kunnen onderwijskundigen de onderwijs-en trainingsmethoden ontwikkelen, die optimaal aansluiten bij wat leerlingen of volwassenen kunnen en niet kunnen.”